Hoofdpagina Afdrukken Bookmark and Share
Woensdag, 8 September 2010

De autoachtervolging

© 1999 - Johan Vandevelde

Hoewel het niet gepubliceerd werd is het volgende fragment auteursrechtelijk beschermd. Het mag enkel gebruikt worden voor educatieve doeleinden. Voor elk ander gebruik is voorafgaandelijk de schriftelijke toestemming van de auteur vereist.

'Ik doe wat ik kan!', klonk het vanonder het instrumentenbord.
Plots schoot de motor aan met een zacht gebrom. Tristan kwam overeind en zette zich achter het stuur. Rikkie kwam naast hem zitten.
'Tot straks, Simon!', riep Rikkie en sloeg de deur dicht. Kris opende het raam en voegde eraan toe: 'Mijn vader kan hier elk moment zijn. Breng hem mee naar het kamp!'
Simon knikte.
'Die antieke wagens zijn echt kinderspel om te stelen,' pochte Tristan.
'Ja, maar kun je er wel mee rijden?' vroeg Rikkie.
'Dat zullen we meteen weten.'
Tristan zette zijn voet op het gaspedaal. De wagen schoot vooruit en knalde in de achterzijde van een geparkeerde politiewagen.
Buiten sloeg Simon hen hoofdschuddend gade.
'Oeps!' slikte Tristan.
'We weten het,' zei Rikkie schamper.
Hij schakelde de wagen in achteruit en gaf gas - teveel gas, zodat de wagen deze keer achteruit in de voorkant van een andere politiewagen beukte.
'Komaan Tristan!' drong Rikkie aan. Hij zag agenten namelijk uit het commissariaat rennen met Reinders en Vandenberg op kop. Ze wezen opgewonden naar hun wagen en kwamen afgerend.
Tristan zag ze ook in de achteruitkijkspiegel. Rikkie en Kris deden snel de deuren op slot. Tristan gaf gas en draaide het stuurwiel naar links. De wagen schot met gierende banden vooruit, schuurde tegen de staart van de voorste politiewagen en reed volle vaart de straat op. De jongens zagen Reinders en Vandenberg achter hen aan rennen, maar al snel moesten ze opgeven.
Simon schrok toen een hand hem plots bij de schouder vastgreep en hem omdraaide. Het was een vriendelijke man, die net uit een beige stationwagon was gestapt.
'Hey jochie! Wat gebeurt hier allemaal?'
'Bent u de vader van Kris?'
'Ja! Ja! Dat ben ik! Waar zijn ze?' Peter greep Simon met beide handen vast en bij elk woord schudde hij de jongen doorheen. Simon keek hem kwaad aan en Peter liet hem meteen los.
'Sorry.'
'Ze zijn naar mijn kamp. Rikkie en Tristan gaan naar huis.'
'Kom mee!'
Peter laadde Simons fiets in de koffer en liet de jongen vooraan naast hem zitten.
'Gordel aan!'

Ondertussen raasden de jongens in volle vaart door de straten. Tristan had het gaspedaal helemaal ingedrukt en kwam nu nauwelijks boven het instrumentenbord uit. Het was Rikkie die zijn ogen op de weg hield en Tristan waarschuwde voor hindernissen. Kris zat lijkbleek op de achterbank en klikte zijn gordel vast. Gelukkig waren de straten redelijk rustig, want de jongens hadden meer dingen aan hun hoofd dan gewoon maar autorijden. Andere dingen, zoals de drie politiewagens, die aan volle snelheid en met loeiende sirenes achter hen aan reden.
'Ze komen dichter!' riep Kris in paniek.
'Tristan! Rood licht!' schreeuwde Rikkie. Maar Tristan kon niet meer stoppen - zeker niet aan deze snelheid.
'Oh shit!'
Rikkie hield zich vast aan zijn zetel. De wagen reed aan volle snelheid het kruispunt op. De andere bestuurders voor wie het licht groen was, gingen op hun rem staan. Auto's slipten met piepende banden. Kris zag dat de politiewagens achter hen ook door het rode licht reden. Een zware vrachtwagen met stalen buizen begon te slippen en verloor zijn lading met een enorm kabaal. De laatste politiewagen kon de buizen niet meer ontwijken en knalde ertegen. De agenten stapten uit. Ze konden de achtervolging wel vergeten. Maar de twee andere politiewagens reden verder.

Kris stond doodsangsten uit op de achterbank.
'We zijn criminelen! Ik ben ontsnapt uit het politiebureau, we hebben een auto gepikt, politiewagens geramd, door het rood gereden, een ongeval veroorzaakt,...'
'En we zijn nog maar pas begonnen', grijnsde Tristan.
'In plaats van te zaniken zouden je beter kijken waar je rijdt!' riep Rikkie 'We zijn zonet voorbij de afslag gereden.'
'Shit!'
De twee achtervolgende politiewagens waren nu nog maar een paar meter verwijderd en dreigden de jongens klem te rijden. Maar Tristan draaide het stuur naar links en liet de wagen rond zijn as draaien. De twee politiewagens remden en weken uit naar links en rechts. De eerste boorde zich in de etalageruit van een tabakswinkel, de andere knalde op een geparkeerde wagen. Tristan had de weg vrij en gaf volgas.
'Z-zijn we ze kwijt?', stamelde Rikkie.
'Nee.', antwoordde Tristan kort. Ze stevenden recht af op een vijftal politiewagens.
'Oh nee! Wat ga je doen?'
Reinders en Vandenberg zagen de wagen van de jongens recht op zich afkomen en hun mond viel open van verbazing.
Rikkie dacht dat zijn beste vriend al zijn verstand was verloren en het leek of hij zelfmoordneigingen had gekregen.
'Tristan, ben je gek!?'
Maar Tristan luisterde niet en keek uiterst geconcentreerd naar de weg. De afstand verminderde, 50 meter, 40 meter, 30 meter, 20 meter... Vlak voordat de wagens met een formidabele klap tegen elkaar zouden knallen, zwaaide Tristan het stuurwiel naar rechts en draaide met gierende banden de zijstraat in. De politiewagens kregen geen tijd om te reageren en reden rechtdoor.

Firefox 3
© Johan Vandevelde 2002-2010